zaterdag 27 oktober 2012

Waar staat de informatievoorziening in 2025?


Eerlijk gezegd houdt me dat niet zo bezig. Misschien dat het velen van u wel bezig houdt. Lees dan Od van de maand oktober, als u dat nog niet gedaan heeft. Od staat bol van DIV in 2025. Zeker de moeite van het lezen waard.

Het begint met een verslag van een  Ronde Tafelgesprek , tegenwoordig een Round Table.

Ik begon te lezen en binnen enkele regels was ik gevloerd.

Lees mee, ik citeer even:
  • De toename van informatie is wel zestienduizend keer zo groot als vroeger.
  • De toename van informatie is echt dramatisch en kan niet meer door mensen worden beheerd.
  • De grote bak met informatie wordt beheerd door de computer.
  • ICT zal alles oplossen.
  • De toename van informatie is zodanig groot, dat als je informatie probeert toegankelijk te houden en juist te beheren dit slechts zal lukken voor 10% ervan. Technologie heeft een betere kans om alles, misschien met minder kwaliteit te regelen.
Maar mensen toch!

Jullie hebben het over gegevens!
Een gegevensberg die inderdaad enorm groot wordt, maar hoe komt dat?
In plaats van een dorpsomroeper hebben we duizenden radiokanalen. Duizenden televisiezenders. Miljoenen mensen die twieten, twirlen en kwekken. Miljarden mensen op Facebook.

Wie weet komt er de komende jaren nog Maauw, Quaak en Woef op de markt, nieuwe sociale media en stappen we van Facebook over op TronieTroop.
Steeds meer gekwaak en geschreven woord, waarin iedereen iedereen napraat, na-aapt, nablaat, naschrijft, liked en disliked via een tiensterrenratingsmodel.
Waarin we gegevens verzinnen, onszelf een imago aanmeten dat aangeeft hoe we willen zijn en we dat alles nog  gaan geloven ook.

Gegevens zijn geen informatie. We weten allemaal, of zouden moeten weten,  dat dit zeker niet het geval is. We weten toch dat informatie gegevens zijn waaraan betekenis wordt toegekend?

Door wie?

Door een belanghebbende of een belangstellende. Door iemand die op zoek is naar aanvullende kennis. Die dat nu op honderden manieren kan vinden, langs talloze kanalen.

Maar niet alles. En die zeker niet de gegevens vindt in context.

Het is een verkeerde veronderstelling dat alles via Google te vinden is, en dat Google of welke zoekmachine ook, de waarheid in pacht heeft.

Dan ken je Google niet met de te beïnvloeden ratings, met de commerciële manier van gegevens produceren op het moment dat jij iets vraagt. Google verdient miljarden met het koppelen van gegevens aan  informatieprofielen zoals het jouwe.

En dan komt de documentatie om de hoek kijken. Een oud vakgebied, ontwikkeld door Paul Otlet in 1898, dat binnenkort vast opnieuw uitgevonden wordt. Zoals ook het zaakgericht werken opnieuw is uitgevonden- iets dat ook al lang bestond. Iemand zal vast het Traité de Documentation uit 1934 spellen en bedenken dat het wel nuttig kan zijn om uit gecontroleerde, betrouwbare gegevens informatie te halen in de vorm van tabellen, schema’s, samenvattingen, cases, documenten: alles wat betrouwbaar is en kan dienen tot lering, studie en bewijs.

Save the time of the reader. Eén van de 5 basisregels voor bibliotheekwetenschap van Ranganathan.
Iedereen kan natuurlijk straks alles vinden, maar ten koste van welke inspanningen!
 
Documentatie wordt steeds meer nodig om informatie te onderscheiden uit de talloze gegevensbergen. Want wat is waar en wat is niet waar? Welke bronnen zijn betrouwbaar en welke zijn dat niet? En hoe lang moeten gegevens beschikbaar blijven, in welke vorm, in welke context? Om welke reden? Welke afspraken zijn daarover?

De argeloze gegevensconsument zal dat onderscheid niet kunnen maken. Daar heb je een documentalist voor nodig.
Ik roep bij deze 2025 uit tot het Jaar van de Documentalist.

 
 

2 opmerkingen:

  1. Wat mij ook zo opviel in het artikel is dat gedaan wordt alsof al die "informatie" autonoom ontstaat, zomaar uit het niets, zonder aanleiding of bron en dat daarom alleen een computer alles weer beheersbaar en toegankelijk kan maken.
    Maar dat is natuurlijk onzin. "Informatie" ontstaat niet autonoom, maar met een reden en een bron. Is die bron een computer, dan is de bewaring en toegankelijkheid te automatiseren. Is die bron een mens, dan geldt volgens mij: als je kunt zenden, kun je ook zorgen dat het bewaard wordt.
    Of is dat laatste ook te simpel geredeneerd?

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Iemand reageerde off-line dat we een dag van de documentalist zouden moeten instellen (er zijn overal dagen voor, dus waarom niet).Nou nog de div-ers leren dat zij zich als documentalisten horen te gedragen en ze leren hoe je gegevens zo bewerkt dat het informatie wordt. Door schema’s in te richten, door samenvattingen te maken, door gegevens in context te plaatsen, door de kern van een zaak te bewaren en de ballast weg te gooien. Save the time of the reader. Dat zou de slogan kunnen zijn waarin het erfgoed verrijkt zou worden.
    Dan geef je perspectief aan het vakgebied denk ik. Maar ja, de naam documentalist zullen mensen wel niet zien zitten. Maken we er documentaris van. Heb ik ooit in de jaren negentig ergens in een artikel in InfoManagement geopperd als nieuwe naam voor ons vakgebied.

    Ik las zo veel "opmerkelijke uitspraken" in deze Od, maar dat is ook wel plezierig. De mooiste vond ik de volgende: "een van de belangrijkste veranderingen op het gebied van het informatiemanagement is de afname van de publicatiekosten" staat op pagina 10. Dat is wel waar, maar heeft niets te maken met de wijze waarop gegevens moeten worden geselecteerd voor gebruik en bewaring. Niet alleen de auteurs spreken elkaar tegen: op pagina 15 lees ik een artikel dat "informatie-overload een mythe is": de kleine groep die zei zich overweldigd te voelen door een grote hoeveelheid online "informatie"bestaat uit mensen die over weinig digitale vaardigheden beschikken...

    Daarbij zullen die publicatiekosten echt wel weer gaan stijgen, want van gratis boeken kan geen uitgever leven. En wat is de kwaliteit van al dat gratis materiaal, zou het niet goed zijn dat iemand dat screent?

    BeantwoordenVerwijderen